Innovatie. Goed geregeld!
Innovatie is al tijden een hot item. Bij zowel bedrijven als de overheid. En daar gaat het dan meteen ook goed mis. Het woord zegt het al. Innoveren! Vernieuwen! Veranderen! Allemaal zaken die bepaald niet gedijen als de regelgoegemeente er zich mee gaat bemoeien.
Tot voor kort, zo tot de jaren ’80 van de vorige eeuw, was innovatie een beetje een besmuikt onderwerp. Zelfs uitgeverijen waren huiverig om boeken uit te geven die innovatie in de titel droegen. Argument: dat zou niet aanslaan. En gek genoeg bleken diezelfde uitgeverijen over een vooruitziende blik te beschikken. Want innovatie mag dan belangrijk zijn, het slaat natuurlijk wel de bodem uit je organisatie. Om de simpele reden dat elke innovatie dwingt tot rigoureuze vernieuwing, of ingrijpende en structurele verandering. En die gedijen zelden op georganiseerde ondergrond.
Het tij keerde met de aanhoudende opleving van de Amerikaanse economie. Innovatie bleek de motor achter dit succes, en spoedig verschenen er in de bladen talrijke artikelen met allerlei tabellen en staatjes die duidelijk maakten dat ‘wij’, Nederland dus, toch wel erg weinig investeerden. Diezelfde vakbladen betoogden dat investeren in R&D en innovatie uiteindelijk het verschil tussen leven en dood zou gaan betekenen. Landen die weinig investeerde in R&D, liepen aantoonbaar economisch achterop. Bedrijven die innovatie als een duivelsvers zagen, werd het hellevuur in het vooruitzicht gesteld.
Dat zette vuur in ons korte lontje. En opeens was er even sprake van elan. Heel even, want al snel werd elk innovatie-elan gesmoord in regels, controle, beheersing, enzovoort. Een innovatieplatform, bureaucratische subsidietussenhandelaren, rijkelijk gesubsidieerd door de overheid, en natuurlijk adviesorganisaties, de Piet Paulusma’s van elke in aantocht zijnde maatschappijlikje en bedrijfsmatige weersverandering, die opeens business zagen in deze nieuwe hype. Zij interpreteerden de beelden die waren ingestraald door de satelliet met de veelzeggende naam ‘Futura’, en voorspelden: de vernieuwingsparaplu kan uit de kast, want morgen is er de ‘innoverende organisatie’. En warempel, innovatiemanagement was geboren. Als een dood kind, want innovatie kun je niet managen.
En heel ver daar achter slofte de academische wereld. Zo ver, dat ze nu maar met een onderzoek komen waarin innovatie als een eigen entiteit wordt ontkend. Innovatie heeft pas effect als het wordt uitgevoerd binnen de bestaande organisatiestructuren. Een onderzoek dus waarin wordt geconcludeerd dat bijvoorbeeld subsidies geen aanjager of stimulans zijn voor innovatie maar dat de kwaliteit van het management doorslaggevend is. Een even logische als onzinnige conclusie, want op het moment dat innovatie wordt ‘geïnternaliseerd’ in de gangbare controle- en beheerssystemen, zijn het de regelmeesters die de centjes verdelen, dus de richting van elke innovatie sturen, en zelfs het type innovatie afbakenen, en daarmee het effect van innovatie bepalen. Dan is subsidie inderdaad een verkapte vorm van overheidssteun met ongewis resultaat. (Ik schreef er al eerder iets over.)
Jammerlijke ontwikkelingen, want innovatie is natuurlijk een levenselixer van elke onderneming en van elke maatschappij. Innovatie is de smeerolie die er voor zorgt dat de gestaag pompende zuigers niet vastlopen. Maar innovatie is bovenal de kracht van de vrije geest. En omdat dat besef inmiddels tot in elke geleding is doorgedrongen, gaat dan ook iedereen er zich mee bemoeien. In managementjargon: iedereen gaat zich ‘eigenaar’ maken van innovatie. En dan gaat de regelmachine aan het werk. En werkt het ook meteen niet meer. Wie een idee heeft, gaat echt niet eerst tachtig formulieren invullen in de hoop financiële ondersteuning te krijgen. Die gaat gewoon aan het werk. Die gaat niet uitleggen dat ronde wielen de toekomst hebben, ook al is de productielijn ingesteld op vierkante.
Kijk hoe kinderen leren en spelen. De Lego-hijskraan (8000 stukjes!) wordt eerst, en vooral met hulp van vader in elkaar gezet. Heel georganiseerd, en strikt volgens de regels. Wanneer vader met een zucht van verlichting de enorme hijskraan op tafel zet, en iedereen vol bewondering zijn complimenten heeft uitgedeeld, neemt zoonlief het heft in handen. De bouwtekeningen verdwijnen onder de bank, en hij gaat zelf aan de slag. De hijskraan wordt een stad, een boerderij, een huis, een tank, of wat dan ook. Soms zelfs een hijskraan. De mogelijkheden zijn eindeloos. Daarom is Lego ook zo leuk. Ook zonder de regels kun je er wat van maken. En zijn computergames zo saai, zo weinig innovatief vanuit het perspectief van het spelende kind: wat je ook doet, er gebeurt altijd hetzelfde. Prescripting heet dat. Spelletjestaal voor regels. Alles mag, alles kan, maar wel binnen de vastgelegde regels. En dan is de uitkomst gegarandeerd!



Ik ben het niet met u eens. Het is onvoorstelbaar iets te bereiken als je niet eerst hebt vastgesteld wat je wilt bereiken en hoe je dat wilt bereiken. Daar zijn kaders, noem het desnoods regels, voor nodig. Uw lego-kraan is een treffend voorbeeld: had u er zonder gebruiksaanwijzing, lees: regels, inderdaad een hijskraan van gemaakt? Denk ik dus niet. Ben bang dat u tot een compleet ander bouwsel was gekomen, misschien wel iets dat compleet nutteloos zou zijn. Groet, Karel
Niet met karel eens. Een van de belangrijkste resultaten van de laatste jaren is niet bereikt doordat wie dan ook het wilde of het zich zelfs maar voor kon stellen: het Internet. Zo zijn er tientallen voorbeelden te vinden. Zelfs op het spirituele vlak is er eerst de verlichting, dan de volgelingen, dan de leer, de regels en rituelen en tenslotte rest duisternis en dogmathiek. Het aardige van Lego is juist het vele dat mogelijk is doordat er zo weinig regels zijn, maar als we allemaal dezelfde hijskraan willen/moeten maken, dan hebben we zeker bouwtekeningen en stappenplannen nodig.
Mooi gesproken, maar het klopt gewoon niet. Ook achter internet zit een gedacht, een construct. Zoals je wilt: regels. Jouw trits: leer, regels, rituelen en duisternis kun je juist voorkomen of keren door na te denken. We hebben onze hersenen toch niet voor niets gekregen van onze lieve heer? Regels en afspraken zijn juist dubbelhard nodig om duisternis en verval te voorkomen. Karel
Beste Karel
U klinkt als een gemankeerde jezuiet die zojuist de Koran heeft gelezen, en er op het einde achterkwam dat het toch de Bijbel was. Het kan ook zijn dat u ergens familie bent van minister Balkenende, en in die hoedanigheid de heer Donner bent tegen gekomen. Maar a propos: achter het Internet zit wel een gedachte, maar die zat er niet. Het is een idee dat geleidelijk aan zijn beslag heeft gekregen, en nu inzakt omdat iedereen er zich weer mee gaat bemoeien. In termen van regels en protocollen. Amen!
hallo
innovatie is ‘invoering van iets nieuws’ (DvD).
Dat impliceert dat het bestaande blijft en dat er iets bij komt. En dat heet in het vakgebied Organisatie Ontwikkeling 1ste orde verandering. 1ste orde verandering is planbaar (en beperkt in impact). Voorbeeld: van Google naar Google Earth, van ’single Playstation’ naar Playstation 2 met internet.
Dus ik denk dat Karel’s ideeen bevestigd worden.
Maar, wat je natuurlijk zoekt zijn 2de orde veranderingen. Bestaande structuren gaan aan de kant in ruil voor nieuwe. Die veranderingen zijn nauwelijks via management, regels ed te beheersen. En daar gaan we richting Ramana’s ideeen.
het is maar hoe je het bekijkt, dus . . . .