Leren van een echte vakantieganger
De goede vakantievierder maakt het elk jaar weer mee: door tegenslag van je koers afraken en achteraf met veel plezier daarop terugkijken. Zo strandde ik met mijn gezin (vrouw en 2 zoontjes van toen 8 en 10) op de terugweg naar huis om een uur of vijf in de namiddag in een file in zuid Duitsland.
Door Marc Oskam
In de buurt van Dachau. Zonder file zouden we 200 kilometer verderop een hotel hebben genomen. Dat was het plan. Nu bezochten we natuurlijk de volgende dag het concentratiekamp. Indrukwekkend, ook voor mijn kinderen. Ook regen is een bekende oorzaak waardoor je iets anders gaat meemaken. De echte vakantievierder ervaart dat niet als ‘roet in het eten’ (het moet natuurlijk niet te lang regenen).
Mijns inziens is bij deze voorbeelden, die voor het oprapen liggen, telkens het volgende in het geding (enkelvoud kan ook meervoud zijn).1. De persoon heeft een plan van de dag in zijn hoofd.
2. Door een oorzaak gaat het niet volgens het plan.
3. Hij kijkt vervolgens om zich heen en probeert te zien wat hij ziet.
4. Hij zoekt naar een kans die past bij zijn hoofddoel.
5. Hij beslist snel als hij een mogelijkheid ziet die gemakkelijk te realiseren is.
Wanneer de vakantieganger in Nederland weer naar zijn werk gaat, dan komt hij terecht in een wereld waar het zo niet gaat. Na de eerste stap worden de vier daaropvolgende stappen zelden doorlopen. Bij vraag 2 wordt vaak iets ontkend (zie grote infrastructurele projecten) waardoor de volgende drie vragen uitgesloten worden.
Ik wil niet beweren dat alles via deze vijf stappen doorlopen kan worden. Maar er zijn wel voorbeelden te vinden waardoor de uitkomst dan wel veel beter uitpakt. Laat ik er één kort beschrijven waar ik in mijn tijdelijke functie van schooldirecteur van een grote basisschool (700 leerlingen) betrokken bij ben geweest en mij na aan het hart heeft gelegen. Ik volg de vijf hierboven aangegeven stappen hoe het ook had kunnen gebeuren.
1. Over Ad Melkert kan veel negatiefs gezegd worden, als minister van Sociale Zaken zette hij zaken in werking die een minister van Sociale Zaken hoort te doen. Via de Melkertbanen bracht hij mensen met weinig werkervaring gesubsidieerd in de gelegenheid die ervaring juist op te doen om zo de kans te verhogen elders aan een vaste baan te komen. Ook op basisscholen gingen zo mensen aan het werk. Melkertbanen kregen een andere naam; ID-banen. ID staat voor instroom-doorstroom. De gedachte bleef dezelfde.
2. In essentie kan gesproken worden van een mislukking. Zeer weinig mensen kwamen via deze weg in een vaste baan terecht.
3. Kijk je naar de realiteit, dan is er allerminst sprake van een mislukking. ID’ers werden zeer gewaardeerd wat ze deden. Ze werden gewaardeerd omdat ze in toenemende mate als smeerolie van een school gingen functioneren; een groepje leerlingen nog even een extra oefening op de gang laten uitvoeren, de mediatheek onderhouden, een ouder opvangen die komt voor een gesprek, etc. etc. Dit alles zonder plan. Die hadden ze niet nodig, ze keken om zich heen en zagen onmiddellijk wat ze moesten doen. Het waren allemaal mensen zonder werk, of die achter de kassa werkten of in een kapsalon knipten.
Voor hen was een school een warm bad. Ik zag tranen in hun ogen als ze beseften dat het einde naderde. Want dat ging gebeuren, het plan was immers mislukt (stap 2).
4. Einde project betekent dat ID’ers zonder tegenprestatie een beroep gaan doen op uitkeringen. Kost geld. Het bekent ook veel problemen en spanningen op de werkvloer op basisscholen. Gaat ook veel geld kosten. Dan ligt het toch voor de hand dat de beide ministeries van OC&W en Sociale Zaken het met elkaar regelen? Kost nauwelijks wat, het loon van een ID’er is niet echt veel meer dan een uitkering.
5. En waarom zou je daar heel lang over moeten doen.
Een plan is nodig en handig. Je denkt eerst, daarna doe je. Plan geeft richting. Voorkomt onbezonnen iets doen. Maar je weet nooit wat een plan kan oproepen en teweeg kan brengen. In geval van de ID’ers was dat heel veel goeds. Niemand had van te voren kunnen denken dat ze bijna onmisbaar werden. En als dat gebeurt, moet je de cruciale stap 3 kunnen nemen: onbevangen naar de realiteit kijken. Onbevangen kunnen kijken is een mentale exercitie, naar de realiteit kijken vraagt om in de realiteit je te bewegen.
Geachte lezer van deze column.
Als u eens naar Den Haag gaat per trein (centraal station) en u neemt de uitgang richting Malieveld, schiet dan eens iemand aan. Stel eens in het kader van een onderzoek de vraag: “Hoe is uw laatste vakantie bevallen?” Is het antwoord “Op zichzelf goed, maar ik kan me er toch altijd moeilijk toe zetten te genieten want keer op keer pakt het anders uit”, dan zou het best wel eens kunnen dat de persoon bij OC&W werkt.
Marc Oskam is directeur van Trias-O Consulting. Hij coacht en traint managers en projectleiders op eigenzinnige wijze. Hij publiceert regelmatig op Managementsite. Artikelen van hem komen regelmatig voor in de Top-10 best beoordeelde artikelen van deze site.


