De macht van de luiheid
Een nieuw zinnebeeld
Motto en Subscriptio: Menno Dimitri Ouderkerk Pictura: Edwin Bosch

Hij was een gedreven persoon, zijn wil om dingen te maken en zijn drang om alles over te hebben voor zijn doel waren slechts voor enigen een groot voorbeeld. Vele niet zulke gedreven personen ergerden zich dood aan hem. Ze waren bang dat hun luiheid steeds meer zou opvallen als zijn volgelingen in getale zouden toenemen. De luien hadden echter een groot voordeel, ze waren allen politici en hadden daardoor veel macht. Deze macht besloten ze daarom te gaan gebruiken door de gedrevene in discredit te brengen. Zo strooiden ze in de wandelgangen hun roddels over hem rond en zorgden ervoor dat hij op het financiële vlak volledig uitgekleed werd. Spoedig moest de gedrevene zijn drang en wil inperken en kwam er nog maar weinig zinnigs uit zijn geest. De luien zagen dat ze hun zin hadden gekregen en besloten tegenover de gedrevene nog eenmaal coulant te zijn. Hij mocht weer deelnemen aan de samenleving. De luien gaven hem passend werk. Voortaan moest hij op het perron van het centraal station de werkenden in de trein praten zodat ze maar op tijd op hun werk zouden zijn.


