Zo leren we niets van Philadelphia
Bestuurders zijn hebzuchtig, ijdel en megalomaan. Dat koopt maar kastelen en Grand Hotels in plaats van zorg te verlenen! Onder het slaperig oog van toezichthouders. Nodig zijn dus strengere controle en persoonlijke aansprakelijkheid. Dat is de les die tot dusverre getrokken wordt uit de dreigende ondergang van zorginstelling Philadelphia. We wentelen ons in zelfgenoegzaamheid: wij hardwerkende Nederlanders zijn niet zo machtig en rijk maar tenminste wel fatsoenlijk. Een sigaretje opsteken in de kroeg of met 80 km door de bebouwde kom scheuren, is daarbij vergeleken peanuts en moet dus kunnen, nietwaar?
Maar zo leren we niets. De aankoop van een kasteel om er een verzorgingshuis voor vegetariërs te vestigen, of van een Grand Hotel waar verstandelijk gehandicapten werken, zijn helemaal geen rare transacties voor zorginstellingen vandaag de dag. Zorginstellingen moeten van hun accountants 15 a 20 procent van hun omzet oppotten, om in de onzekerheid van marktwerking risico’s te kunnen opvangen. Verspilling van ons belasting- en premiegeld, maar dat kan zo’n instelling niet helpen. Gegeven dat dit moet kan men het geld op de bank zetten, maar hoe veilig is dat? Je kunt het ook investeren in gebouwen, zeker als je cliënten daar kunnen werken of wonen. We willen tegenwoordig dat cliënten van zorginstellingen volwaardig in de samenleving kunnen meedraaien, onder andere via werk. Maar werkgevers weren gehandicapten en voor de sociale werkvoorziening bestaan drempels en wachtlijsten. Heel goed dus als een instelling via een Grand Hotel banen schept voor de eigen cliëntèle. Typisch een initiatief dat onder andere omstandigheden een integratie-prijs zou krijgen.
Ook een kasteel voor hulpbehoevende welgestelde vegetarische ouderen past helemaal in het huidige beleid. Er zijn t talloze welgestelde ouderen op komst, die er veel voor over hebben om een verpleeghuis te mijden. Ze willen meer kwaliteit en contact met gelijkgestemden. Geen bingoavond voor wie zijn hele leven van bingo gewalgd heeft. Niet op je oude dag van je een villa moeten verhuizen naar een meerpersoonskamer van vier bij vier. Er is dus zeker markt voor zo’n project. Door deze projecten te bespotten, miskennen we hier we met zijn allen democratisch toe besloten hebben. Marktwerking noopt tot dit soort investeringen.
De schulden van Philadelhia kunnen we niet geheel aan marktwerking wijten. Ook een rol speelt het bureaucratische indicatiesysteem dat vaak te laag indiceert. Een herindicatie is vaak snel nodig. Vraagt men die niet aan, dan verleent een instelling meer zorg dan vergoed wordt. Dit is volgens interimbestuurder Troost de belangrijkste oorzaak van het tekort (Nrc 21 februari).
Nog problematischer dan de torenhoge schuld is echter de verwaarlozing van de dagelijkse zorg, getuige rapportages van Inspectie en personeel. Verwaarlozing van de noden van cliënten en personeel. Terwijl bestuurders miljoenen uitgaven, beknibbelden locatiemanagers op de meest noodzakelijke kosten. Ervaren medewerkers werden vervangen door stagiaires. Zieken werden niet vervangen waardoor zorgverleners alleen voor moeilijke groepen staan. Er was geen geld voor huishoudelijk medewerkers waardoor verpleegkundigen wc’s soppen. Kapotte koelkasten en magnetrons konden pas in 2010 vervangen kunnen worden (Nrc 21 februari).
Bestuurders waren dus meer bezig met megaprojecten en fusies dan met de dagelijkse zorg. Het is een bekend probleem: het bestuur leeft zich uit in miljoenenprojecten en fusies terwijl intussen, buiten hun blikveld, maar wel indirect door hen aangestuurd, lagere managers de werkvloer afknijpen. Daar kan nog geen invalkracht of nieuwe koelkast betaald worden. Geen exclusief probleem van marktwerking: zoiets doet zich bij publieke organisaties zoals eerder bijvoorbeeld bij het UWV ook wel voor. Marktwerking nodigt hier echter wel extra toe uit.
De hamvraag is dus hoe we ervoor kunnen zorgen dat de dagelijkse zorgen van de cliënten en personeel bepalend zijn. Dat die voorop het netvlies van elke bestuurder en elke toezichthouder staan. Hoe eventuele kastelen en Grand Hotels kunnen bijdrage aan de kwaliteit van het alledaagse leven van cliënten en personeel. Hoe bestuurders meer wakker gaan liggen van groepsleiders die er alleen voor staan dan van miljoeneninvesteringen. Hoe organiseer je dienstverlening zo dat de zorgen op de werkvloer ieders primaire zorgen worden? Daarover moet de discussie gaan, in plaats van over slechte karakters.


