Gemeentelijk geluk bij een ongeluk
Een nieuw zinnebeeld
Tekst: Menno Dimitri Ouderkerk Cartoon: Edwin Bosch

Naast zijn woning, wat in de ogen van de gemeente niet meer was dan een afgedankte houten schuur, had men een oprit naar de snelweg gebouwd. Slapen deed hij vanwege het lawaai niet meer, dat kwam eigenlijk wel goed uit want nu kon hij zijn matras weggooien en had hij nog wat meer ruimte in zijn huis. Waar eerst het matras had gelegen bouwde hij een kleine gezellige bar. Hij nodigde vrienden uit om deze te komen inwijden, omdat ze hun eigen drinken mee moesten nemen kwam er niemand opdagen. Hij vierde het feestje daarom maar alleen. Nadat hij langer dan achtenveertig uur wakker was geweest viel hij als een blok inslaap, hij vergat daarbij om zijn openhaard uit te doen. Vanwege de ondeugdelijke constructie van de openhaard, vatte zijn huis vlam en brandde het met hem erin volledig uit. De gemeente was er wel gelukkig mee, een doorn in hun oog was verwijderd en voor de kosten van een crematie van een onproducttieveling hoefden ze nu ook niet op te draaien.


