Buiten de gebaande paden
Wie weinig verdient en laag is opgeleid, leeft 17,5 jaar korter in goede gezondheid dan wie veel verdient en hoog is opgeleid. Dit verschil is de afgelopen jaren toegenomen. Voor de discussie over de AOW-leeftijd is dat belangrijk. Wordt de AOW-leeftijd voor stratenmakers en verzorgenden 67 jaar, dan moet hij voor directeuren dus naar 85 jaar. Dit verschil van bijna 18 jaar komt deels doordat zieke mensen vaker niet werken. En als zij werken, kunnen ze dat niet 60 uur per week, waardoor ze van topbanen zijn uitgesloten.
Voor een ander deel komt het verschil door omstandigheden en gedrag. Lager opgeleiden hebben op het werk vaker te kampen met ongezonde omstandigheden. Ze wonen vaker in tochtige en lawaaiige woningen en buurten. Ze bewegen minder, roken vaker en eten minder gezond. Logisch, want fruit is duurder dan chips, en verse jus d’orange is duurder dan cola.
We zijn allemaal gezonder geworden en leven langer dan toen de AOW werd ingesteld. Mede daarom is verhoging van de AOW-leeftijd wenselijk. Maar bijna 18 jaar verschil in gezonde levensverwachting is dramatisch groot, waarschuwen ook de drie adviesraden (Onderwijsraad, Raad voor Openbaar Bestuur en Raad voor de Volksgezondheid) die onlangs hierover een advies uitbrachten. De overheid moet Buiten de gebaande paden durven gaan, luidt (de titel van) hun advies. Er moeten convenanten, beleidsovereenkomsten, ‘een heldere visie’, ‘leiderschap’ en ‘gezamenlijk geformuleerde doelstellingen’ komen. En, heel gewaagd: ‘een zichtbare en aanspreekbare unit binnen het ministerie.’
Hoe gebaand kun je je paden kiezen? Het gelijktijdig verschenen advies van de Sociaal-economische raad (SER) over hetzelfde onderwerp was zo mogelijk nog kleurlozer. We zijn al goed bezig, was de voornaamste boodschap van de SER. Wat een contrast met de 19de eeuw, toen er ook dramatische, groeiende verschillen in gezondheid tussen arm en rijk geconstateerd werden, destijds door infectieziekten, lekkende daken, levensgevaarlijke machines, vuil drinkwater, open riolen enzovoort. De overheid trad krachtdadig op met collectieve inentingen, riolen, waterleiding, betere woningen en wetten tegen ongezonde werkomstandigheden.
Als men destijds net zo gecharmeerd was geweest van convenanten en intersectoraal overleg, zouden de armen nog steeds bij bosjes vroegtijdig doodgaan door tocht, vuil, stank, infecties, jicht, difterie, polio en pokken. Vanwaar dan nu zulke kleurloze adviezen? Doordat de adviseurs gevangen zitten in een bekende hedendaagse beleidsspagaat: ingrijpen in individueel gedrag moet, maar mag niet. Nadat tot de jaren tachtig alleen maatschappelijke structuren aangrijpingspunt waren, meent men sindsdien dat alleen individueel gedrag beïnvloedbaar is.
Dus hoewel de raden veel ongezondheid wijten aan omstandigheden zoals ongezond werk, zoeken ze de oplossing geheel bij individueel gedrag – meer bewegen, gezonder eten, minder roken, minder alcohol. Daar zou je nog een krachtdadig programma van kunnen maken. Verbieden dat ouders hun kinderen met de auto naar school brengen bijvoorbeeld, en hogere belasting op ongezond eten, minder op gezond eten.
Maar de adviesraden deinzen terug voor zulke maatregelen vanwege de andere kant van de spagaat: de al even dominante beleidsgedachte dat ingrijpen in individueel gedrag dat geen overlast veroorzaakt, betuttelend en bevoogdend is. Klem tussen het idee dat alleen individueel gedrag aangrijpingspunt voor beleid mag zijn enerzijds, en een verlammende angst voor bevoogding en betutteling anderzijds, resteert slechts geneuzel over intersectorale aanspreekpunten. Ze menen hiermee mensen vrij te laten. Maar uit angst voor bevoogding ontnemen ze armere mensen bijna 18 gezonde levensjaren! Als dat niet betuttelend is.
Collectieve gezondheidsproblemen vereisen collectieve, structurele maatregelen. Maak de gezondste keuze de goedkoopste. Maak de steden autovrij, maak fietsen plus openbaar vervoer goedkoper en sneller dan autorijden. Verplicht werkgevers middels de luchtafzuigsystemen die in cafés blijkbaar ook effectief zijn, een werkomgeving te bieden met gezonde lucht. Bestrijd stress en herrie op het werk. Zie hier het ideale compromis tussen regering, werknemers en werkgevers: bij elke jaarlijkse daling van de sociaal-economische gezondheidsverschillen met een jaar, gaat de AOW-leeftijd met twee maanden omhoog. Over 18 jaar is de AOW-leeftijd dan 68 en zijn de gezondheidsverschillen verdwenen.


