De Columbian Blacktail of de anti-vazal
Wat heeft het diervriendelijk houden van kippen – Columbian Blacktails in deze column – te maken met dreigende verdamping van authentiek vakmanschap? Heel veel!
Columbian Blacktail’s zijn kippen die heerlijke eieren leggen. Die eieren zijn heerlijk omdat de Blacktail’s, althans volgens de verpakking, op uiterst diervriendelijke wijze in kleine groepen worden gehouden bij een traditionele boerenfamilie. Mensen, dat is mooi, dat is hartstikke mooi! Waar heb je dat nu nog? Kippen die vrij kunnen scharrelen naar hun natuurlijke behoefte? Dat is toch eigenlijk te gek voor woorden. De eieren van deze Columbian Blacktail’s zijn dan ook heerlijk. Zei Joop den Uyl niet ooit eens ‘Als het maar goed gedaan wordt!?’
De eieren in zo’n Columbian Blacktail doosje zijn qua grootte trouwens allemaal verschillend, qua kleur tijdens het bakken of toevoegen aan het pannekoekbeslag trouwens ook. Elk ei heeft echter wel iets gemeenschappelijks met elk ander ei: ze smaken allemaal naar ei!
Deze eieren zijn trouwens een uitzondering in de schappen van uw supermarkt. De meeste eieren komen uit legbatterijen, waar kippen amper de ruimte hebben om normaal adem te halen. Dát is tegenwoordige normaal!
We hebben op een Tayloriaanse wijze processen van groei en bloei ge-optimaliseerd. Smaken zijn verdwenen. De Wasserbombe, onze Westlandse tomaat, was hier een sprekend voorbeeld van: snel en efficiënt gekweekt, maar zonder smaak. We hebben smaak verkwanseld en zijn nu tegelijkertijd bezig onszelf te verkwanselen. We kunnen nu nog wel bloemkool van andijvie onderscheiden, maar weten niet meer hoe bloemkool eigenlijk hoort te proeven. Processen om bloemkool te kweken hebben we zover ge-optimaliseerd dat er een grijze smaak is ontstaan, geleidelijk aan, waardoor we het niet in de gaten hadden. Maar toch!
Op dezelfde manier gaat het met processen waarvan wij geen consument maar (mede) producent van zijn. Voelt u zich in uw werk een Columbian Blacktail. Ik ben docent, maar voel me geregeld een batterijkip, die gedwongen wordt eieren van een bepaalde grootte en vorm te leggen. Andere beroepsgroepen hebben met hetzelfde fenomeen te maken. Werkers in de verslavingszorg, in de hulpverlening, enzovoorts. Allemaal worden ze gedwongen een identiek ei te leggen. Sluipenderwijs zijn we in ons werk verworden tot batterijkippen. Veel van ons weten zelfs niet meer hoe ons vak eigenlijk ‘hoort te smaken’.
Zowel op het werk als in de privé-sfeer doe ik er alles aan mijn eigen ei een authentiek ei te laten zijn en wacht niet af of die boer uit die traditionele boerenfamilie wat tarwe komt strooien. Op het werk zoek ik continu naar ruimten binnen de organisatiekaders om mijn eigen ei mijn eigen kleur en smaak te geven. Het is dan leuk en mooi om te zien dat iets van mijn eigen inbreng is terug te zien in ‘mijn’ output. Bijvoorbeeld een authentieke scriptie, geschreven door een authentieke student. Prachtig toch? Mooi, hartsikke mooi!
Ter illustratie: ik nam enige tijd geleden deel aan een jury voor een scriptieprijs. Elke juryberaadslaging kwam hetzelfde thema naar voren: alle scripties waren goed verzorgd, zowel qua inhoud als vormgeving, maar er was niet een leuke scriptie bij, niet één, waaraan je plezier beleefde bij het lezen. Ook studenten zijn verworden tot Westlandse tomaten, als kippen – zeker geen Columbian Blacktails – die allemaal gestandaardiseerd gevoerd worden: elk ei lijkt op elk ander ei. Langzamerhand zien we er zelfs geen ei meer in.
De moraal van dit verhaal: streef ernaar als een Columbian Blacktail door het leven te gaan. Pik het niet langer, zoek je eigen ruimte en ‘leg je eigen authentieke ei’.


