In gemeenschap met de vader…
“Wir haben es nicht gewusst”. Echt iets voor een katholieke kardinaal om met een dergelijke woordkeuze te reageren op het seksueel misbruik binnen de kerk. De paus kwam zelfs met een ‘wie zonder zonde is werpe de eerste steen’, ook al niet getuigend van al te veel subtiliteit. Er wordt binnenkort een nieuw 06-nummer in gebruik genomen waar naar gebeld kan worden door katholieken die in hun jeugd niet zijn misbruikt. Dit om de druk op het mobiele netwerk wat te verlichten. Want dat netwerk heeft er de afgelopen weken meermaals uitgelegen in Brabant, Limburg en een klein hoekje in Twente. Natuurlijk. Seksueel misbruik is niet iets dat exclusief is voorbehouden aan de katholieke kerk. Dat puntje mag Benedictus binnen koppen. Ook onder de moslims, de protestanten, de hindoestanen, de joden en de boeddhisten komt het voor. Al gebeurt dat bij de boeddhisten zo ontzettend langzaam dat het slachtoffertje al tijdens het misbruik volwassen is geworden.
Waar het op dit moment om gaat is dat miljoenen katholieken wachten op een oprecht en welgemeend Mea Culpa van de Paus maar ja, dat is alsof je aan een Duitse voetballer vraagt om vlak voor het eindsignaal de bal opzettelijk huizenhoog over te schieten. Dat gaat gewoon niet gebeuren. Dat zou namelijk betekenen dat de gehele structuur van de katholieke kerk met zijn verstikkende dogma’s, dat eigenaardige celibaat en zijn masculiene hiërarchie op de schop moet en dan zou de katholieke kerk voor veel van zijn gezagsdragers alle aantrekkingskracht verliezen. Het wezen van de katholieke kerk is macht. In sommige landen is dat een politieke macht. In een heleboel landen is dat een culturele macht. En in Nederland is dat het carnaval. Wat de katholieke kerk de katholieke kerk maakt is dat een man als plaatsvervanger op aard de baas is over een heleboel andere mannen die op hun beurt weer de baas zijn over een heleboel andere mannen die op hun beurt weer de baas zijn over miljoenen gelovigen en ja, dat is voor die miljoenen gelovigen gewoon vragen om moeilijkheden.
Ondertussen heb ik al een week lang het beeld van meneer de pastoor op mijn netvlies die zich in de jaren zestig helemaal in het zweet fietste om boerderij na boerderij te hameren op gezinsuitbreiding waarbij hij stiekem hoopte op de geboorte van een heleboel jongetjes. Zelfs al werden die blind en doof geboren, ze waren allemaal van harte welkom op de warme schoot van de katholieke kerk.


