Aandacht

De Coach

Gewetensvragen

Het kind als machientje

Manuel’s week

Home » Het kind als machientje

Het kind als machientje deel 18 (slot)

Door op 7 mei 2010 – 10:06 Geen reacties

Afsluitend

Het categorale denken en de praktijk van indicatiestellende dossiervulling leidt af van waar wij het echt over moeten hebben: de geschiedenis van het kind en zijn ouders, hun belevingswereld, hun verhalen. De verhalen achter de klachten en de scores.

De term diagnostiek in onze praktijk van omgang met kinderen met problemen, moet naar mijn mening gereserveerd blijven voor een betrokken, empathisch gericht onderzoeken en beoordelen van wat zich heeft afgespeeld, welke verhalen er nu zijn en hoe het kind daar in staat.

Roberto en Jordy en R. en Steve en vele andere kinderen hebben mij duidelijk gemaakt dat veel van onze kinderen opgroeien in de onveiligheid en ellende van een verknipte wereld en dat zij ouders hebben met eenzelfde achtergrond. Als wij hun problemen interpreteren als kindkenmerken, als stoornissen in de chemie en de bedrading van het apparaat en als oplosbaar met drankjes en pillen of met opgelegde oefeningen of trainingen, ontdoen wij hun wereld van betekenis en samenhang en dat is ook onze wereld. Wij kijken dan louter met de bril van maat en getal, van richtlijn en protocol, van afspraak- en afvinklijstje.

Wij zien nog slechts wat wij willen of mogen zien. Wij lopen aan de leiband van hen die zichzelf wijs maken dat het boeltje netjes op orde is en dat de zorgwinkel rationeel gerund wordt en alles onder controle is. Wij laten ons imponeren door wat zich wetenschap noemt met een tam tam van pretenties en snelle babbels waarbij de taal kraakt in haar voegen. Wij laten ons meeslepen door een niet te stuiten bedrijvigheid die steeds weer waarheid maakt. Waarheid voor een paar dagen. Wij vermijden angstvallig te zoeken waar het moeilijk is en duister en regelmatig ook vies en onplezierig. Terwijl daar wel de oorzaken liggen van veel van het opvallend gedrag van kinderen en volwassenen. Kortom: wij zijn als de dronken man die zijn autosleutels is kwijt geraakt in de donkere bosjes, maar zoekt onder het licht van de lantaarnpaal omdat het daar lichter is.

Zo dronken ben ik nooit geweest, zult U misschien zeggen. Ik weet echt wel wat ik doe en waarom ik het doe. Maar weet U dat nu echt wel zeker? Dat woordje “ik”, want daar zit het hem in. Die persoonlijke betrokkenheid, die persoonlijke overtuiging, die persoonlijke verantwoordelijkheid ten opzichte van uw werk. Laat U zich echt niet overdonderen, imponeren of voor het karretje spannen?

Hoe kan het dan dat ieder zo braaf lijkt te doen wat hem of haar wordt opgedragen? O ja, er wordt geklaagd en gemopperd, veel zelfs. Ook door de dronken man. Want zijn sleutels vindt hij niet, ondanks het licht. Maar ondertussen gaat het door en woekert het verder. En gaan wij het gewoon vinden. En straks weten wij niet meer wat wij eigenlijk zochten. En uiteindelijk bestaat het niet meer omdat wij het niet meer missen. Dan is paper work de werkelijkheid en inspector Frost een Don Quichotte–achtige figuur uit een schimmig verleden. Toen de mensen nog een verhaal hadden en de wereld nog betekenis.

Toen communicatie nog verwees naar een gesprek. Toen zorg nog verwees naar empathie. Toen kinderen nog mogelijkheden hadden in plaats van stoornissen. Toen wetenschap nog liefde voor de waarheid had. Toen wij nog allemaal wat meer wilden doen dan gewoon ons werk.

Elke dag maakt U keuzes om te doen of niet te doen. Die bepalen onze toekomst. En dat wordt ons verleden. Mag ik U dat meegeven. Dat over die keuzes en dat ik?

Ik dank U voor Uw belangstelling en Uw uithoudingsvermogen

Gerard Brouwers

Reageer!

Reageer onderstaand, of trackback van uw eigen website.. U kunt ook de reacties ontvangen via RSS.

Be nice. Keep it clean. Stay on topic. No spam.